Zembla woensdag om 21:15 uur op NPO 2

Najma kwam op haar tiende naar asielzoekersstad Ter Apel. Ze woont er nog steeds. Dit is haar verhaal.

Leestijd: 4 minuten

Extra interview bij 'De stemming in Ter Apel'

Najma Osman vlucht in 2010 met haar familie naar Nederland voor het geweld in Somalië. Al tientallen jaren woedt daar een bloederige burgeroorlog en de bevolking lijdt onder hongersnood en droogte. Ze komt terecht in Ter Apel waar het wachten op een verblijfsvergunning begint. Inmiddels is Najma zeventien en heeft ze officieel de Nederlandse nationaliteit. Ze woont nog steeds in Ter Apel met haar ouders, twee zussen en drie broers.

Knallen van de geweren
“Ik was nog klein toen we in Ter Apel kwamen, dus veel weet ik niet meer van het leven in Somalië. Wel dat het niet veilig was. Soms ging ik naar school, maar niet als er gevochten werd. Dan moesten we thuisblijven. Dan hoorde we de hele tijd het knallen van de geweren terwijl we binnen speelden. Het gekke is: ik wist niet beter. Ik was eraan gewend. Nu pas besef ik dat dat niet normaal was.

Ter Apel is wel lekker chill
Mijn moeder is als eerste naar Nederland gegaan in 2008, daarna zijn wij achter haar aan gekomen. Eerst kwamen we in Ter Apel, toen moesten we naar Den Bosch en later weer terug naar Ter Apel waar we mochten blijven. Ter Apel is wel lekker chill, gewoon een rustig dorp. Als je van stilte houdt tenminste. Ik heb een leuk leven maar er is niet zoveel te doen voor jongeren. Ik zit nu op de HAVO, maar wil gaan studeren in de stad. Mijn ouders vinden de stilte juist fijn.

Ik wil niet meedoen aan geroddel
Je hoort wel veel over de problemen met asielzoekers in Ter Apel, zoals die diefstal, weet je, maar ik heb nooit last van ze gehad. Ik heb voor geen meter gevoeld dat er problemen zijn. Volgens mij hebben veel mensen niet zelf gezien en gehoord dat die problemen er zijn, maar ze oordelen er wel over. Dat vind ik niet goed. Wie ben je om te oordelen als je het zelf niet met eigen ogen hebt gezien? Ik wil niet meedoen aan geroddel en zou willen dat andere mensen dat ook niet doen.

Kwade dingen op social media
Dat merk ik ook op school. Andere leerlingen die zelf niets hebben meegemaakt of gezien, gaan toch oordelen en kwade dingen op social media zetten over vluchtelingen zoals ‘asielzoekers zijn gelukzoekers’ en dat soort dingen. Ook al weten ze niet welk verhaal erachter zit. Volgens mij praten sommigen ook hun ouders na.

Grote ogen
Je moet je mening niet laten sturen door die kwade berichten op social media vind ik, maar door je eigen ervaring. Ik zal een voorbeeld geven: Ik ben moslim. Dat zie je meteen want ik draag een hoofddoek. Als ik boodschappen doe, voel ik soms hoe mensen naar me kijken en soms hoor ik ze ook over me roddelen, dat ik zo’n asielzoeker ben. Dan spreek ik ze aan en zeg ik iets als: “Ik ben gewoon Nederlands hoor en ik ben niet slecht omdat ik een hoofddoekje draag.” Dan krijgen ze grote ogen en schamen ze zich kapot. Maar ze weten niet echt wat ze dan moeten zeggen.

Beter met elkaar praten
Volgens mij wordt er nu niet op de goede manier gepraat in Ter Apel en daardoor worden de problemen groter. De mensen die hier al hun hele leven wonen en de asielzoekers moeten veel meer met elkaar praten. Ze moeten meer hun best doen om de mensen bij elkaar te brengen. Nu zit iedereen maar op zijn eigen eilandje.

Stroopwafels en hoofddoekjes
Het kan makkelijk, want ik heb superveel Nederlandse vrienden. Ze waren vroeger niet bevriend met allochtonen en wisten niets van ons. Toen zagen ze wie ik was en hebben ze mijn cultuur leren kennen. En ik die van hun. Dankzij hen heb ik stroopwafels leren eten en dankzij mij weten ze nu hoe ze je een hoofddoekje draagt. Het klinkt misschien simpel, maar we staan open voor elkaar en dat helpt.

Wij weten hoe het is om alles kwijt te zijn.
Mijn moeder geeft me dat voorbeeld: zij helpt bijvoorbeeld asielzoekers in Ter Apel die de weg niet weten. Dan biedt ze hen koffie of thee aan en vertelt ze hen hoe het leven hier is. Zij doet het omdat ze weet hoe verloren je je kan voelen als vluchteling. Wij weten hoe het is om alles kwijt te zijn. Als je een keer vluchteling bent geweest, oordeel je ooit meer hetzelfde over andere vluchtelingen.”